Traditionis custodes: uiteenlopende reacties

Oktober 30, 2021
Bron: District des Benelux
Mgr. Robert Mutsaerts

Reactie van de paus

Vandaag lijdt de Kerk onder “de ideologie van de achteruitgang”, zei paus Franciscus in een interview met Slowaakse jezuïeten op 12 september 2021, maar gepubliceerd op de website van de “Civilta Cattolica” op dinsdag 21 september.

Met name verwijzend naar de redenen die aanleiding hebben gegeven tot de publicatie van het motu proprio Traditionis custodes, betreurt paus Franciscus de verspreiding van twee “perversies” in de Kerk, die van de verstarring en die van het klerikalisme.

Vrijheid maakt ons bang

In een wereld “die zo bepaald is door verslavingen en virtualiteit”, verklaarde het hoofd van de Katholieke Kerk, “jaagt de vrijheid ons angst aan”. “Daarom wenden mensen zich tegenwoordig tot het verleden: om zekerheid te zoeken”, analyseert hij.

Onder de belangrijkste vormen van angst in de Kerk noemt de paus de angst die sommige christenen hebben voor “pastorale ervaringen” of voor “mensen van seksuele verscheidenheid”. Hij herinnert ook aan de moeilijkheden die hij had, tijdens de Synode over het Gezin in 2015, om “duidelijk te maken dat paren in tweede verbintenissen niet reeds tot de hel veroordeeld zijn”.

Angst om de mensen in het gezicht te kijken

“Wij hebben angst om de Mis op te dragen voor het volk Gods dat ons in het gezicht kijkt en ons de waarheid zegt”, voegt de bisschop van Rome eraan toe. Vervolgens verwees hij, zonder dat men hem daarover ondervroeg, naar zijn deze zomer gepubliceerde Motu proprio Traditionis custodes, dat priesters die volgens de Tridentijnse ritus willen celebreren, verplicht de Heilige Stoel om toestemming te vragen.

Voor paus Franciscus wil deze wet de “ware bedoelingen van Benedictus XVI en Johannes Paulus II” herstellen. Hij zei te betreuren te moeten vaststellen dat - slechts in “bepaalde landen”- een aanzienlijk aantal jongeren naar hun bisschop gaat om toestemming te vragen voor het celebreren van de Tridentijnse ritus, “een verschijnsel dat erop wijst dat we achteruit aan het gaan zijn”.

De paus vertelde ook het verhaal van een kardinaal die met hetzelfde verzoek werd geconfronteerd en die zijn priesters had uitgenodigd eerst de mis in het Spaans en het Vietnamees te leren om tegemoet te komen aan de behoeften van de plaatselijke minderheden, alvorens Latijn te leren. “Hij heeft zich hen aangetrokken” verheugde de paus zich.

Verdedigers van Traditionis custodes

Kardinaal Parolin, staatssecretaris meende: “We moeten voorgoed een einde maken aan deze Mis!”

Mgr. Roland Minnerath, bisschop van Dijon zei: “Ik zal van mijn bisdom een laboratorium maken voor de onderdrukking van Summorum pontificum!”

Mgr. Roche, de nieuwe prefect van de Congregatie voor de Goddelijke Eredienst zei onlangs voor een groep Engelssprekenden nadrukkelijk—al lachend: “Wij gaan Summorum pontificum vernietigen. De liturgische macht zal aan de bisschoppen worden gegeven … maar niet aan de conservatieve bisschoppen!”

Mgr. de Kerimel van Grenoble: “Deze fixatie op het missaal van 1962 en het wantrouwen jegens het Tweede Vaticaans Concilie staan ongetwijfeld niet los van de verschillende crisissen die onze wereld en de Kerk zelf doormaken.” Is het missaal van 1962 de oorzaak van de crisis in de wereld en in de Kerk?

Kardinaal Kasper: “Ik groeide op en werd gewijd lang vóór het Tweede Vaticaans Concilie, maar ik heb nooit een breuk gevonden tussen de liturgie van Trente en de liturgie van na Vaticanum II. Als student in de vroege jaren 1950 las ik J.A. Jungman's Missarum Sollemnia (De Mis van de Romeinse ritus: haar oorsprong en ontwikkeling) en ontdekte dat Vaticanum II een hervorming van de Latijnse ritus bracht op dezelfde manier als Trente had gedaan. De continuïteit wordt duidelijk als men ziet dat iedere priester vrij is om het eerste eucharistische gebed (de oude ‘Romeinse Canon’) te gebruiken— zoals ik soms doe, en zoals paus Franciscus vaak doet als hij in Sint-Pieter de Mis opdraagt. Het hart van de zogenaamde ‘oude Mis’ blijft dus ook in de zogenaamde ‘nieuwe Mis’ bewaard. U zegt dat er een groeiend aantal gelovigen is dat de ‘oude ritus’ wil, maar het is mijn ervaring dat de overgrote meerderheid van de gelovigen daar fel op tegen is.”

De ‘neutraliteit’ van België

Pater Tommy Scholtès S.J., woordvoerder van de Belgische bisschoppen, zei in La Libre Belgique “dat de weinige parochies die in België de Mis in het Latijn opdragen, dat kunnen blijven doen, omdat ze geen problemen opleveren zoals die welke paus Franciscus noemt.” Wij hebben ondertussen reeds vernomen dat in West-Vlaanderen de mogelijkheden voor de Tridentijnse Mis achteruit gegaan.

Politiek correcte voorzichtigheid

Het communiqué van de Franse bisschoppenconferentie van 17 juli toont aan dat zij kiezen voor “eenheid en rust”: De bisschoppen “willen aandacht schenken aan de gelovigen die gewoonlijk [de Mis] volgens het missaal van Johannes XXIII bijwonen en aan hun herders. Ze waarderen de geestelijke ijver van deze gelovigen en ze zijn ook vastbesloten om samen het werk voort te zetten, in de gemeenschap van de Kerk en volgens de geldende normen”.

Ze zeggen verder dat “elke bisschop opgewassen moet zijn tegen de door de Heilige Vader beschreven uitdagingen om de verantwoordelijkheid uit te oefenen met zorg, liefde en billijkheid voor iedereen, voor de eredienst en voor de eenheid van de Kerk”. Ze zeggen dat “dit zal gebeuren door middel van dialoog en tijd zal kosten.”

Mgr. Marc Aillet, bisschop van Bayonne, Lescar en Oloron: “De priesters die in het bisdom Bayonne de eredienst verzorgen volgens het Missaal van 1962 erkennen, het Tweede Vaticaans Concilie en de geldigheid van het Missaal van 1970, uitdrukking bij uitstek van de lex orandi van de Latijnse Kerk. Verder dragen ze bij aan de kerkgemeenschap door actief deel te nemen aan bijeenkomsten en vieringen, alsook aan de pastorale en missionaire aanpak van het bisdom.” […] Hij heeft eraan toegevoegd dat “hij nogmaals zijn vertrouwen in hen wil uitspreken en dat hij hen uitnodigt hun inspanningen in dezelfde richting voort te zetten, in de geest van het nieuwe Motu proprio Traditionis custodes”.

In een brief aan de priesters van Parijs van 8 september heeft aartsbisschop Michel Aupetit van Parijs gedetailleerd verteld hoe hij het motu proprio Traditionis Custodes van paus Franciscus wil uitvoeren. In Parijs zal de Mis uitsluitend in de volgende 5 kerken worden opgedragen volgens het missaal van 1962, bekend als het missaal van Sint Jan XXIII: Sainte-Odile (17de), Sainte Jeanne de Chantal (16de), Saint Eugène-Sainte Cécile (9de), Saint Roch (1ste) en Notre-Dame du Lys (15de). Tot nu toe waren er ongeveer tien gebedshuizen waar Tridentijnse missen werden opgedragen. “De lezingen zullen moeten worden gedaan in het Frans in de Officiële Liturgische Vertaling (2013), terwijl de ordo van het lectionarium van 1962 wordt gevolgd,” zegt hij. Missen en sacramenten mogen in de oude vorm worden opgedragen door priesters die de schriftelijke opdracht van de aartsbisschop hebben ontvangen.

Tegengeluid

Uit Nederland: Traditionis custodes, een “kwaadaardige oekaze”

De reactie van Mgr. Robert Mutsaerts, hulpbisschop van ’s-Hertogenbosch in Nederland, is feller. Hij aarzelt niet om het Motu proprio als een “kwaadaardige oekaze” te bestempelen: “Het voelt als verraad en is een klap [van deze paus] in het gezicht van zijn voorgangers.”

“De Kerk heeft overigens nooit liturgieën afgeschaft. Ook Trente niet. Franciscus breekt volledig met deze traditie. Het Motu proprio bevat kort en krachtig enkele stellingen en bevelen. Middels een bijgaande langere verklaring [de begeleidende brief aan de bisschoppen] wordt een en ander nader geëxpliciteerd”.

“Deze verklaring bevat nogal wat feitelijke onjuistheden. Eén daarvan is de bewering dat wat Paulus VI deed na Vaticanum II hetzelfde zou zijn als wat Pius V deed na Trente. Dit gaat volkomen aan de waarheid voorbij. Vergeet niet dat vóór die tijd er diverse (overgeschreven) handschriften circuleerden en her en der lokale liturgieën waren ontstaan. Het was een warboel”.

“Trente wilde de liturgieën herstellen, onjuistheden verwijderen en controleren op orthodoxie. Het ging Trente er niet om de liturgie te herschrijven, ook niet om nieuwe toevoegingen, nieuwe eucharistische gebeden, een nieuw lectionarium of een nieuwe kalender”.

“Het ging louter om ononderbroken organische continuïteit te waarborgen. Het missaal van 1517 greep terug op het missaal van 1474 enzovoort terug tot de 4de eeuw. Er was continuïteit vanaf de 4de eeuw. Ook na de 15de eeuw is er vier eeuwen continuïteit”.

Hij klaagt de echte liturgische revolutie die de Novus Ordo Missæ teweeg heeft gebracht aan: “Slechts 17% van de gebeden van het oude missaal (Trente) vinden we terug in het nieuwe missaal (Paulus VI). Dan kun je moeilijk nog spreken over continuïteit van een organische ontwikkeling”.

“Benedictus zag dit in en heeft om die reden ruime baan gegeven aan de Oude mis. Hij heeft zelfs gezegd dat niemand zijn toestemming nodig had (“Wat toen heilig was, is het ook nu nog”)”.

“Paus Franciscus doet nu net of zijn Motu proprio in de organische ontwikkeling van de Kerk staat, hetgeen volstrekt de werkelijkheid weerspreekt. Door de Latijnse Mis praktisch onmogelijk te maken, breekt hij finaal met de eeuwenoude liturgische traditie van de R. K. Kerk”.

Liturgie is geen speelgoed van pausen, maar is erfgoed van de Kerk. De Oude mis gaat niet over nostalgie of smaak. De paus dient de bewaker te zijn van de Traditie; de paus is de tuinman, niet de fabrikant. Het kerkelijk recht is niet louter een kwestie van positief recht, er is ook nog zoiets als het natuurrecht en het goddelijk recht, en bovendien bestaat er zoiets als Traditie die niet zomaar terzijde geschoven kan worden”.

“Wat paus Franciscus doet, heeft niets te maken met evangelisatie en nog minder met barmhartigheid. Het heeft meer weg van ideologie. Ga eens naar een parochie waar de Oude Mis gecelebreerd wordt. Wie kom je daar tegen: mensen die gewoon katholiek willen zijn. […] Het is een ideologie. Het is Vaticanum II inclusief de implementatie ervan met al haar aberraties, of niks!”

En hij besluit krachtig: “Over de vele liturgische misbruiken die her en der bestaan in talloze parochies hoor ik Bergoglio nooit. In parochies is alles mogelijk, behalve de Tridentijnse Mis”.

“Alle wapens worden in de strijd gegooid om de Oude mis weg te bannen. Waarom? In Godsnaam waarom? Wat is dit toch voor een obsessie van Franciscus om die kleine groep traditionalisten te willen ausradieren. De paus dient de bewaker te zijn van de Traditie; niet de gevangenisbewaker van de Traditie. Terwijl Amoris Laetitia uitblonk in vaagheden, is Traditionis custodes een volstrekt heldere oorlogsverklaring.

Ik vermoed dat Franciscus met dit Motu Proprio in eigen voet schiet. Voor de broederschap Pius X zal het goed nieuws blijken te zijn. Zij zullen nooit kunnen hebben vermoeden dat zij dit te danken hebben aan paus Franciscus …

Uit de rest van de wereld

Op 23 juli gaf Mgr. Athanasius Schneider, hulpbisschop van Nousoultan (Astana) in Kazachstan, een interview aan Diane Montagna in The Remnant waarin hij zei: “Het Motu proprio en de begeleidende brief doen onrecht aan alle katholieken die de traditionele liturgische vorm aanhangen, door hen ervan te beschuldigen dat zij een bron van verdeeldheid zijn en het Tweede Vaticaans Concilie verwerpen.”

“In feite houdt een aanzienlijk deel van deze katholieken zich ver van leerstellige discussies over Vaticanum II, de Novus Ordo Missæ en andere kwesties die verband houden met kerkelijke politiek. Zij willen eenvoudigweg God aanbidden in de liturgische vorm waarin God hun hart en hun leven heeft geraakt en veranderd.”

Verder kondigt hij aan dat het Motu proprio het tegenovergestelde effect zal hebben: “Het zal een boemerangeffect hebben. De vele katholieke gezinnen en het steeds groter wordend aantal jongeren en priesters—vooral jonge priesters—die de traditionele Mis verkiezen, zullen niet toelaten dat hun gewetensvrijheid geschonden wordt door zo’n radicale administratieve handeling.”

“Aan deze gelovigen en priesters zeggen dat zij gewoon moeten gehoorzamen aan deze normen zal tenslotte niet werken, omdat zij begrijpen dat een oproep tot gehoorzaamheid haar kracht verliest wanneer het doel ervan is om de traditionele vorm van de liturgie, de grote liturgische schat van de Kerk van Rome, af te schaffen.”

Hij merkt op dat “de bewonderenswaardige, harmonieuze en volkomen spontane verspreiding van de traditionele vorm van de Mis en haar voortdurende groei, in bijna alle landen van de wereld, zelfs in de meest afgelegen landen, zonder twijfel het werk van de Heilige Geest is en een echt teken van onze tijd.”

“Deze vorm van liturgische viering werpt echte geestelijke vruchten af, vooral in het leven van jongeren en bekeerlingen tot de Katholieke Kerk, want velen van hen werden juist door het katholiek geloof aangetrokken dankzij de schitterende kracht van deze schat van de Kerk.”

Kardinaal Müller: “Zonder ook maar enige empathie negeert men de religieuze gevoelens van de (vaak jonge) deelnemers aan de missen volgens het Johannes XXIII Missaal (1962). In plaats van de geur van de schapen te waarderen, slaat de herder hen hier hard met zijn kromstaf. Het lijkt ook gewoon onrechtvaardig, om vieringen van de ‘oude’ ritus af te schaffen, alleen omdat die enkele problematische mensen aantrekt: abusus non tollit usum [verkeerd gebruik van iets is geen argument tegen het juiste gebruik ervan].”

Kardinaal Burke vroeg zich in zijn verklaring van 22 juli, het feest van de H. Maria Magdalena, af of de paus “juridisch gezien” de traditionele Latijnse Mis kon afschaffen. Het motu proprio Traditionis custodes van 16 juli, zei hij, “legt nieuwe beperkingen op” aan de Traditionele Mis “die wijzen op haar uiteindelijke eliminatie”. Hij stelde dat “de volheid van macht (plenitudo potestatis) van de Romeinse paus de macht is die nodig is om de leer en de discipline van de Kerk te verdedigen en te bevorderen”, maar “geen ‘absolute macht’ is, die de macht zou inhouden om de leer te veranderen of een liturgische discipline uit te roeien die al sinds de tijd van Paus Gregorius de Grote en zelfs nog eerder in de Kerk levend is geweest”.

Kardinaal Zen: “Het probleem is niet ‘welke rite hebben de mensen het liefst?’, maar ‘waarom gaan ze niet meer naar de Mis?’ Sommige onderzoeken tonen aan dat de helft van de christelijke bevolking in Europa niet langer in de werkelijke tegenwoordigheid van Jezus in de eucharistie gelooft, niet langer in het eeuwige leven! We geven zeker niet de schuld aan de liturgische hervorming; maar we willen alleen zeggen dat het probleem veel dieper zit, we kunnen niet om de vraag heen: ‘Is er geen gebrek aan geloofsvorming?’ ”

Ecclesia Dei-gemeenschappen vragen om een bemiddelaar

Op 31 augustus, na afloop van een bijeenkomst in Courtalain, legden twaalf oversten van Ecclesia Dei-gemeenschappen een verklaring af waarin zij zeiden: “Wij voelen ons verdacht, buitenspel gezet, verbannen.”

“Wij herkennen ons echter niet in de beschrijving die wordt gegeven in de begeleidende brief bij het Motu proprio Traditionis custodes van 16 juli 2021.” [...]

“Wij bevestigen opnieuw onze gehechtheid aan het leergezag (met inbegrip van dat van Vaticanum II en wat volgt) volgens de katholieke leer met de gepaste instemming (vgl. met name Lumen Gentium, nr. 25, en Catechismus van de Katholieke Kerk, nrs. 891 en 892), zoals blijkt uit de vele studies en doctoraalscripties die velen van ons in de afgelopen 33 jaar hebben verricht.”

En wij vragen om een bemiddelaar, vertrouwend op de barmhartige bezorgdheid die in Amoris Letitia tot uiting komt: “Wij smeken om een menselijke, persoonlijke, vertrouwensvolle dialoog, ver van ideologieën of de kilte van administratieve decreten. Wij zouden graag iemand ontmoeten die voor ons het gezicht zal zijn van het moederschap van de Kerk.”

“Wij zouden haar graag kunnen vertellen over het lijden, de drama's, het verdriet van zoveel lekengelovigen uit de hele wereld, maar ook van priesters, religieuzen die hun leven hebben gegeven op het woord van paus Johannes Paulus II en Benedictus XVI. Er was hun beloofd dat “alle maatregelen zouden worden genomen om de identiteit van hun instituten in de volle gemeenschap van de katholieke Kerk te waarborgen”.” [...]

“Paus Franciscus nodigt de herders uit om te luisteren met genegenheid en sereniteit, met een oprecht verlangen om binnen te dringen in het hart van het drama van mensen en hun standpunt te begrijpen, om hen te helpen beter te leven en hun plaats in de Kerk te erkennen” (Amoris letitia, nr. 312). [...]

“Vandaag horen we spreken over apostolische disciplinaire bezoeken voor onze instituten. Wij vragen om broederlijke ontmoetingen waar wij kunnen uitleggen wie wij zijn en waarom wij gehecht zijn aan bepaalde liturgische vormen. Bovenal verlangen wij naar een werkelijk menselijke en barmhartige dialoog: “Heb geduld met mij!” ” [...]

“Met vertrouwen wenden wij ons in de eerste plaats tot de bisschoppen van Frankrijk opdat een echte dialoog kan worden aangegaan en een bemiddelaar kan worden aangewezen die voor ons het menselijke gezicht van deze dialoog zal zijn.”

“We moeten oordelen vermijden die geen rekening houden met de complexiteit van de verschillende situaties... Het gaat erom iedereen te integreren, we moeten ieder helpen zijn eigen manier te vinden om deel uit te maken van de kerkelijke gemeenschap, zodat hij of zij zich het voorwerp kan voelen van een onverdiende, onvoorwaardelijke en gratuite barmhartigheid.” (Amoris latitia, nr. 296-297)

Op 3 september heeft pater Jean-Michel Gleize, hoogleraar ecclesiologie te Ecône, op de website La Porte Latine commentaar gegeven op deze verklaring:

“Bezorgd over het idee dat hun instituten zouden worden onderworpen aan disciplinaire apostolische visitaties, die ertoe zouden kunnen leiden dat hun de mogelijkheid wordt ontnomen om de Mis op te dragen volgens de ritus van Sint Pius V, tonen deze ondertekenaars hun gehechtheid aan het leergezag van Vaticanum II en daarna, en wenden zij zich tot de bisschoppen van Frankrijk, om hun geduld en hun luisterend oor, hun begrip en hun barmhartigheid af te smeken - in een waarlijk menselijke dialoog.”

“Geen woord over de fundamentele schadelijkheid van de nieuwe Mis van Paulus VI. Geen woord over de bittere vruchten van de Raad. Geen woord over de verschrikkelijke versnelling van de crisis van de Kerk onder Paus Franciscus.”

“Hoe zit het met de communie voor hertrouwde echtelieden? En het schandaal van de Pachamama? Diplomatie, als het al diplomatie is, grenst hier aan naïviteit of onbewustheid, als het geen hypocrisie is. Wat zullen de arme en dappere gelovigen zeggen die deze instituten bijwonen?

”En om de fundamentele vraag op te werpen: “Wat vragen al die grote superieuren uiteindelijk? Zij vragen om vrijheid, de vrijheid om de ritus van de oude Mis te blijven vieren te midden van allen die de ritus van de nieuwe Mis vieren.”

“Maar deze vrijheid is onmogelijk. En wat opvalt bij het lezen van deze brief, is het ontbreken van elke verwijzing naar de waarheid die oplevert: de waarheid van de fundamentele tegenstelling die verbiedt dat de nieuwe ritus van de Mis van Paulus VI vreedzaam samenleeft met de ritus van de Mis van altijd.”

“Waarom zo'n tegenstelling? Laten we het voor de hand liggende herhalen: de wet van het gebed is de uitdrukking van de wet van het geloof. Welnu, de nieuwe ritus van de Mis van Paulus VI is de uitdrukking van een nieuw geloof, in tegenstelling met het oude.”

“Aartsbisschop Lefebvre heeft dit herhaaldelijk herhaald, met name in zijn preek tijdens de priesterwijdingen van 29 juni 1976: “Wij zijn ervan overtuigd dat juist deze nieuwe ritus van de Mis een nieuw geloof uitdrukt, een geloof dat niet het onze is, een geloof dat niet het katholieke geloof is.” ”

“Deze nieuwe Mis is een symbool, een uitdrukking, een beeld van een nieuw geloof, een modernistisch geloof. Deze nieuwe ritus gaat —als ik dat zo mag zeggen—uit van een andere opvatting van de katholieke godsdienst, een andere godsdienst.”